MARIEN VAN DEN EIJNDEN
Het was wachten met verwachtingen. Maar nu (na de publicatie van het Koninklijke Besluit in de Staatscourant) zijn wij een Korps. Elk Korps heeft een Korpsoudste. Onze Korpsoudste is kolonel Marien van den Eijnden.
Er zijn ongetwijfeld lezers die Marien al kennen en weten dat hij in carnavalstijd in Boemeldonck woont. Maar om Marien beter te leren kennen willen wij toch graag weten wie hij is, wat hij in de krijgsmacht heeft gedaan en doet, hoe hij het vindt Korpsoudste te zijn en wat Korpsoudste zijn inhoudt.
Marien hoe ben je in de krijgsmacht terecht gekomen, hoe in de LO&Sportorganisatie, welke functies heb je gedaan welke goede/slechte herinneringen heb je aan die tijd?
Ik ben in 1990 als dienstplichtige in dienst gekomen. Daarbij ben ik rechtstreeks als LO&Sportinstructeur geplaatst binnen de LO&Sportorganisatie. Na de fantastische OCLO-tijd ben ik begonnen als instructeur op de Cort Heyligers kazerne in Bergen Op Zoom. Daarna ben ik de officiersopleiding in gegaan aan het Opleidings Centrum Officieren in Breda om vervolgens 10 jaar lang als commandant op diverse LO&Sportgroepen te hebben mogen fungeren. Van de LO&Sportgroep Brederode/Lunetten (OTC GN Vught), via Prinses Margriet Kazerne (paraat; Wezep) naar de bakermat van de onderofficiersopleiding (KMS Weert) tot aan de brigade LO&Sportgroep in Oirschot (toen nog 13 Mechbrig + Schoolbat Zuid). Vervolgens zat het prachtige LO&Sportgroep leven erop en heb ik functies op de LO&Sportregio, staf (bureau doctrine) en als C-LO&Sportregio Zuid vervuld.
Ik heb eigenlijk geen slechte herinneringen aan die gehele periode. Wat me altijd positief is bijgebleven is de teamgeest en saamhorigheid die we op iedere locatie met elkaar hadden. Van de “kleedkamer-humor” op de sportgroep tot aan het professionalisme waarmee we het taakspecifiek opleiden&trainen in de organisatie vorm hebben gegeven. Van het pionieren met de Grens Verleggende Activiteiten (in mijn geval het klimmen, Siedlunghausen) tot aan het zo goed als geïntegreerd optreden met de eenheden op locatie. In de huidige tijd vanzelfsprekend maar in de jaren ‘90, begin 2000 echt opstartend. LO&Sportinstructeurs die toen als eenheidsinstructeur mee op missie gingen (Bugogno, Novi Travnik) was ook nieuw. Wat een gave tijd met allemaal toppers op die sportgroepen.
Marien wanneer ben je buiten de LO&Sport gaan werken, wat was daarvoor de aanleiding, welke functies/uitzendingen bij welke krijgsmachtdelen heb je vervuld, wat zijn vermeldenswaardige ervaringen die je daarbij opdeed, welke “lessons learned” nam je mee?
Ik ben na 20 jaar buiten de LO&Sportorganisatie gaan werken (2010). De aanleiding was mijn eerste uitzending (HQ KFOR) in 2008/2009. Als LO&Sportofficier word je daarbij niet vanuit je vakgebied uitgezonden maar kom je als stafofficier in een volledig andere omgeving. Ik heb daar gezien hoeveel ontzettend ander mooi werk en uitdagingen er liggen en werd daardoor getriggerd om er over na te denken wat ik eigenlijk wilde. Tevens had ik de mogelijkheid gekregen om aan de Hogere Defensie Vorming (HDV) te gaan studeren en me te gaan verbreden. Ik heb daar tot op de dag van vandaag geen seconde spijt van gehad. Ik heb na de HDV voor de CDS mogen werken binnen de Directie Plannen. Je ziet daar van binnenuit hoe de Haagse bubbel werkt en krijgt een veel beter beeld waarom de dingen zijn zoals ze zijn en hoe de verschillende OPCO’s daar mee om gaan. Vervolgens voor C-LAS mogen werken binnen de Afdeling Integratie. Daar van dichtbij gezien hoe ontzettend hard er daar gewerkt wordt om het complexe geïntegreerde Landoptreden op de kaart te blijven/gaan zetten.
Daarna wederom op uitzending. Nu naar de Noord-Afrika regio waarin ik meer een diplomaat achtige rol heb vervuld. De zoveelste fantastische ervaring, nu in de internationale dynamiek. Vervolgens de kans gehad om als bataljonscommandant 1 Civiel-Militair Interactie Commando te mogen leiden. Daar heb ik ervaren hoe het is om een nieuw vakgebied (Communication & Engagement) op de kaart te zetten in een eenheid waarbij zowel beroepsmilitairen (joint) als 450 Reservisten Specifieke Deskundigheid trachten samen te werken. Erg dynamische periode. (In 2016 hielden we voor de eerste keer dit interview met Marien vanwege deze functie, red.)
Hierna ben ik weer teruggekeerd in de omgeving waar toch m’n hart is blijven liggen: het O&T land. In dit geval als docent/mentor en hoofd van het team Hogere Defensie Vorming binnen de Nederlandse Defensie Academie. Mijn huidige functie is die van Directeur Instituut Defensie Leergangen. Echt een eer om met vele collega’s het toekomstige midden- en hoger officiers- en burger kader te mogen vormen. In een joint omgeving met vele internationale verbanden. Ook hier weer een prachtige tijd!
De lessons learned die ik meenam komen eigenlijk uit m’n LO&Sportorganisatie tijd. “Teamgeest” is de belangrijkste. In iedere functie kun je het nooit alleen; je hebt altijd elkaar nodig. Daarnaast “Kameleon” zijn. Je zou het ook “aanpassingsvermogen” kunnen noemen. Vanuit de LO&Sport zijn wij gewend om met vele verschillende actoren om te kunnen gaan en samen iets moois te maken. Dat heb ik heel hard nodig gehad omdat alle vervolgfuncties (Den Haag, Utrecht ST CLAS, Apeldoorn) altijd buiten mijn materiedeskundigheidsgebied lagen en je je toch heel snel de materie en dynamiek eigen moest zien te maken. Wanneer ik nu terugkijk op dat LO&Sport DNA dan is dat wat ons bindt. Dat heeft echt iedere sportinstructeur en dat is de kracht van de organisatie.
Marien hoe vind je het om Korpsoudste te zijn bij het Korps Lichamelijke Oefening en Sport, wat houdt het Korpsoudste zijn in en wat vind je belangrijk voor ons Korps?
Ik vind het een eer om gevraagd te zijn de rol te mogen vervullen van Korpsoudste (waarbij ik wel hoop dat het vooral om de rol voor het Korps gaat in plaats van als “Oudste”……..).
Korpsoudste zijn, houdt voor mij vooral in om me, samen met de Korpscommandant en Korpsadjudant, in te zetten voor de wijze waarop het Korps LO&Sport haar TROTS blijft uitstralen en zo mogelijk te verhogen. TROTS op de belangrijke taak van het Korps LO&Sport, daarmee herkenning en erkenning binnen defensie te versterken en gewicht te geven aan onze tradities en cultuur. Tevens bij te kunnen dragen aan de verdere versterking van het Esprit de Corps van de decentraal ingerichte LO&Sportorganisatie en al haar Korps leden. Daarbij is het zoeken naar verbinding/cohesie een extra uitdaging t.o.v. de op één locatie georganiseerde eenheden. Samengevat zou je kunnen zeggen dat mijn rol ligt in het bijdragen aan:
* Traditie;
* Saamhorigheid – Esprit de Corps;
* Bijzondere personeelszorg (zoals we die al kennen bij beëdigingen, dodenherdenking of veteranendagen).
Wat ik ook meebreng, vanuit mijn alweer 15 jaar werkzaam zijn in andere lagen van die defensie organisatie, is een adviseur/klankbord rol. Een rol die zich mogelijk wat in de periferie van het Korps beweegt maar waar ik vanuit mijn externe blik en netwerk mogelijk van betekenis kan zijn. Denk hierbij aan inrichtingsvraagstukken, Personeels Advies Raad (PAR) of klankbord kunnen zijn voor LO&Sport collega’s die zich mogelijk oriënteren op een verbreding van hun ervaringsopbouw. Een vraag die ik me zelf al weer 18jaar geleden heb gesteld en toen niet zo goed wist hoe daar mee om te gaan.
Laat ik overigens heel duidelijk zijn over de positie van mijn rol. Die is faciliterend, ondersteunend aan het Korps LO&Sport en haar commandant en Korpsadjudant. Daar ligt het bevoegd gezag en de besluitvorming. Dat is daar in prima handen bij Arjan en Renate en ik kijk vooral uit naar alle mooie saamhorigheidsmomenten die ik met die organisatie daarvoor mee mag maken. ‘Semper Se Movens’.
Publicatiedatum: 17 april 2026


%20GVA%20bezoek%20KMS.jpeg/picture-200?_=19d99d5a628)

