Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 

40 JAAR LO/SPORT

MEMORABELE MOMENTEN, MARKANTE MENSEN
AFLEVERING 5 : HET SYMPOSIUM VORMING

Door : Wil Maaswinkel en Rob Zimmermann

Symposium 25 jaar LO/Sportorganisatie, 25 april 2001.

Thema mentale vorming. Titel “Meer groen … ook tussen de oren”.


Inleiding

De definitie van fysieke vorming, zoals staat  in het “beleidsconcept Fysieke Vorming” (1973), spreekt over: “de ontwikkeling van het voor de militair vereiste mentale en lichamelijke incasseringsvermogen”. De missie van de LO/Sportorganisatie (1995) spreekt over: ”fysieke en mentale hardheid, onmisbaar voor de operationele inzet”. Dat willen, kunnen en durven een belangrijke rol spelen bij militair succes, daarover is weinig discussie. Hoe je dat willen, kunnen en durven beïnvloedt, daarover wordt verschillend gedacht. De keuze om daarover een symposium te houden voor de top van de Koninklijke Landmacht was een voltreffer.

De projectofficier

Toen ik de projectofficier Rob Zimmermann vroeg ons het verhaal te vertellen, stuurde hij mij het volledige archief! Ik geef toch maar het woord aan Rob Zimmermann, die echt van de hoed en de rand weet.

Hoe ontstaat het idee van een Symposium?

Het idee om iets spectaculairs te organiseren rond het 25-jarig bestaan van de zelfstandige LO/Sportorganisatie werd al geboren in 1999. De LO/Sportorganisatie had inmiddels een belangrijke positie in de KL verworven, de RVE-status was bereikt, het beleid was in belangrijke mate gericht op meer samenwerking met de eenheden (groener werken) en vanaf de werkvloer werden talloze initiatieven ontplooid om dichter bij de operationele taak van de eenheden te komen. Grensverleggende activiteiten werden aan de man gebracht. Vooral de LO/Sportgroepen van het KCT en Luchtmobiel waren daarin de voortrekkers. Op het gebied van mentale vorming waren er talrijke theoretische en praktische ontwikkelingen zichtbaar en vele collega’s, zowel op de Staf als op de LO/Sportgroepen, verdiepten zich in deze materie. De vraag “hoe vier je het 25-jarig bestaan?” was daarmee snel beantwoord. We maken er een 2-daags gebeuren van, met op de eerste dag een reünie en op de 2 e dag een symposium waarin we ons aan de KL presenteren als belangrijke initiator en voorloper op het gebied van mentale vorming.  Met dit basis-idee werden de noodzakelijke budgetten vrij gemaakt en werd gekozen voor dé locatie bij uitstek, namelijk het Nationale Sportcentrum Papendal. De volgende, iets minder makkelijk te beantwoorden vraag was “hoe gaan we dit organiseren?”. De reünie werd in handen gelegd van Johan Groen, die een zeer druk bezochte reünie wist te organiseren waar ruim 1000 LO/Sporters uit heden en verleden op afkwamen. Dit stuk richt zich verder alleen op het symposium.

Vorm en inhoud van het symposium.

De globale opzet van het symposium was snel gevonden. We zouden gaan van opleidingsland, via de parate periode, naar de rol van de LO/Sport. Een uitsmijter zou ook nog mooi zijn. Nu nog de poppetjes erbij……en de belangrijkste vraag: hoe krijgen we de zaal vol met voor de LO/Sport belangrijke “stakeholders”.

De dagvoorzitter. Naast goede sprekers was ook een aansprekende dagvoorzitter nodig. In die tijd was Karel van de Graaf een prominente AVRO presentator en een autoriteit op zijn gebied. Aanvankelijk was het lastig contact te krijgen, want alles ging via zijn manager. Na enig aandringen is er toch een afspraak gemaakt en er zouden er nog velen volgen, ook bij hem thuis in Amersfoort. Van de Graaf was enthousiast over het idee en met name zijn positieve ervaring over de ontwikkeling die zijn zoon als dienstplichtige had laten zien, motiveerde hem om aan deze klus te beginnen en hij deed het daarom ook nog voor een (in zijn ogen tenminste) zacht prijsje………..
De voorbereiding van Karel was fenomenaal. Hij heeft van te voren vele interviews gehad met de sprekers, maar ook met “beslissers” waarvan we wisten dat ze in de zaal zouden zitten.  Daardoor ontstond het zo gewenste interactieve en dynamische symposium met de sprekers én met de zaal. De technici van Papendal werden wel een beetje gek van hem, want ook de opstelling, belichting en het geluid ontsnapten niet aan zijn kritische blik.

Hoe vul je de zaal met “stakeholders”?. We hadden de ruimte voor ruim 600 gasten. Gekozen is voor een verdeelsleutel per LO/Sportgroep, naar rato van de grootte van de groep en het belang van hun kazernepopulatie. Opdracht (lees: verzoek) was om bij het symposium te verschijnen met C en management ondersteuning, enkele instructeurs, maar vooral beslissers op hun kazerne, zoals: cie/esk/bt commandanten, opleidingsontwikkelaars, etc. Daarnaast zijn er uitnodigingen gestuurd naar het topmanagement van de KL. Deze insteek was zeer succesvol getuige de volle zaal met veel hoogwaardigheidsbekleders zoals de Bevelhebber, Stafhoofden van de landmachtstaf, brigade en bataljons commandanten en vele officieren en onderofficieren van de eenheden.

De sprekers en hun bijdrage. Het moet gezegd dat het na een aantal voorgesprekken niet al te moeilijk was om de beoogde sprekers ook daadwerkelijk op het podium te krijgen. Allen waren enthousiast over het idee en hebben de volle medewerking toegezegd. Punt van aandacht was wel dat de ideeën goed op elkaar afgestemd moesten worden om er voor te zorgen dat er de nodige dynamiek in het symposium kwam. Via voorgesprekken met Rob Zimmermann werden de voordrachten min of meer afgebakend. Karel van de Graaf deed er nog een schepje bovenop door met alle sprekers vooraf interviews te houden, waar hij later als dagvoorzitter gebruik van maakte. Hieronder volgt een samenvatting van deze dag. Deze samenvatting doet de sprekers zeker te kort, want hoe vat je een hele dag samen in een paar A4-tjes?

De opening door C-LO/Sportorganisatie, kol Peter Rommelse. Highlight van zijn introductie: “In de topsport is men er al lang van overtuigd dat het verschil tussen wel of niet succesvol zijn vooral wordt bepaald door misschien wel de moeilijkst te overbruggen afstand, namelijk de afstand tussen de oren. De relatie met de KL dringt zich daarbij op want ook de KL is een topsportorganisatie. Er moet vaak gepresteerd worden onder veelal fysiek en mentaal moeilijke omstandigheden en onder grote maatschappelijke en politieke druk”.  Rommelse geeft inzicht in het programma en introduceert de dagvoorzitter met de volgende woorden:  “Zoals u in de uitnodiging heeft kunnen lezen, wordt deze dag geleid door de heer Karel van de Graaf. Zijn aanwezigheid staat garant voor een integere aanpak van het interactieve deel van de dag. Mijn vertrouwen in hem is zo groot dat ik aan hem symbolisch het commando van de LO/Sportorganisatie voor de duur van dit symposium over zal dragen. Mijnheer van de Graaf: Door het overhandigen van deze vlag draag ik tijdelijk, voor de duur van dit symposium, het commando van de LO/Sportorganisatie aan u over”.

Koen Gijsbers met startnummer 245

De eerste spreker, kol Koen Gijsbers, Hoofd plannen COKL en voormalig topsporter. Gijsbers was een zeer verdienstelijk atleet op de 400m en 800m hardlopen. Hij nam deel aan de Olympische Spelen in Moskou (1980) en maakte deel uit van het Europese estafetteteam op de 4x400m tijdens de World Cup in Rome (1981).

Gijsbers over waarom hij hier staat: “Hoewel hoofd plannen van het Commando Opleidingen, en daarmee conceptueel verantwoordelijk voor opleiding en training, komt mijn motivatie vooral voort uit mijn verleden. Als topsporter heb ik gezien dat het verschil tussen winnen en verliezen niet zozeer ligt in fysieke aspecten, maar tussen de oren zit. Als commandant van 1(NL)Geniehulpbataljon, een van de twee bataljons die onder moeilijke omstandigheden in 1999 in Kosovo hebben gewerkt, heb ik het belang van goede vorming gezien en begrepen. Het verschil in incasseringsvermogen in goed gevormde en getrainde teams, en minder goed gevormde militairen die vaak op individuele basis aan eenheden waren toegevoegd, was groot. Met de lastige omstandigheden in Kosovo direct na de bombardementen in 1999 (feitelijk met een peace-enforcing mandaat!), konden de luchtmobiele infanteristen en pantsergenisten het best overweg”.

Verder op in zijn betoog benadrukt hij het belang van Kennen, Kunnen, Willen, Durven en vooral DOEN en de rol van Officieren en Onderofficieren in het proces van bewuste, geplande en vooral onbewuste, ongeplande vorming. De praktijk biedt talloze mogelijkheden voor het laatste. De ontwikkelde competentieprofielen kunnen daarbij leading zijn. Hij besluit zijn verhaal met een uitdaging naar de zaal: “De opleiders kiezen dus voor vorming en voor de operationele gevechtstaak; sommigen moeten dat nog doen. Zij volgen daarmee lessen uit het recente verleden. Ik sluit daarom af met een vraag aan U: Kiest U ook ………voor groen tussen de oren?”

2e spreker, Kol Otto van Wiggen, Commandant Korps Commando Troepen.

Na een koffiebreak was het woord aan van Wiggen, C-KCT. Hij onderstreept het belang van vorming en zegt dat het zwaartepunt moet liggen op gevechtsoperaties. Hij zette de zaal onmiddellijk op scherp met filmbeelden uit “Saving Private Ryan”. Ook het fragment van het radioverkeer tussen de F16 pilote, die boven Srebrenica vloog, en de Forward Air Controller (FAC) in de vallei was treffend.



Tom Hanks speelt de hoofdrol

in 'Saving Private Ryan'

Hij gaat dieper in op het dilemma tussen gevechtsoperaties, humanitaire operaties en vredesoperaties en verdedigt de stelling, dat een 100% getrainde gevechtssoldaat ook een goede vredessoldaat kan zijn met een korte taakgerichte opleiding, maar dat een 100% getrainde vredessoldaat ongeschikt is als gevechtssoldaat.

Hij vervolgt met: “Het fragment uit “Saving Private Ryan” geeft ondubbelzinnig aan dat de groep onder extreme druk van buitenaf komt te staan. Die druk wordt niet alleen bepaald door het persoonlijke risico, wat neerkomt op dood, zware verwonding of verminking, de primitieve omstandigheden en de extreme psychische druk, maar ook het feit dat men een opdracht heeft uit te voeren en eventueel zelf geweld moet toepassen. Deze omstandigheden zijn niet alleen een bedreiging voor het individu in de groep maar ook voor de groep als geheel. Onder deze omstandigheden kan de groep uitsluitend overleven en succes hebben als zij beschikt over: Gevechtsbereidheid, Esprit de Corps (Korpsgeest), Sterk leiderschap, Realistische en harde training en Groepscohesie”. Hij onderstreept dit door voorbeelden uit de commando-opleiding.

3e spreker, lkol Rob Zimmermann, plv-C LO/Sportorganisatie. Ga er maar aan staan om na het indrukwekkende optreden van Van Wiggen aan de beurt te zijn. Had slimmer gepland kunnen worden, zeker als je de organisatie zelf in handen hebt. Zimmermann start met de stelling dat we met Lichamelijke Oefening en Sport een middel in handen hebben dat zich bij uitstek leent voor Vormingsdoeleinden. “Zware fysieke inspanningen en uitdagende situaties, maar ook sport en spel hebben, mits in de goede setting, invloed op menselijk gedrag en de onderlinge interactie. Vorming is mensenwerk en die interactie vormt dan ook een belangrijk vertrekpunt voor verbetering van persoonseigenschappen en teamwork”. Via onze Missie schets hij de bijdrage van de LO/Sport op 3 niveaus van vorming en lardeert dat met enkele filmpjes (o.a. Kalkar) met voorbeelden van Leren, Trainen en Vormen. Via de vraag of succesvol zijn toeval is, slaat hij een brug naar de LOFT-documenten, waar ook vormingsdoelen in worden opgenomen. Hij doet een beroep op een gezamenlijke inspanning van commandanten, LO/Sport en TGTF en besluit dit onderwerp met de opmerking dat “een lesje vorming” niet werkt, maar dat het een proces is van “altijd, overal en door allen (cn, kader, LO/Sport, etc)”.

De 4e spreker, Foppe de Haan, trainer van FC Heerenveen. Na de lunch is deze opmerkelijke en charismatische voetbaltrainer aan het woord. Foppe had in het voorgesprek aangegeven dat hij graag meewerkt, vanwege zijn achtergrond als oud dienstplichtig LO/Sportinstructeur. Hij wilde echter geen ochtendtraining overslaan, en daarom is hij met een helikopter opgehaald in Heerenveen om op tijd aanwezig te kunnen zijn. Voor hem ook een grensverleggende activiteit. Mooi man …..!! Op humoristische wijze geeft hij ons een kijkje in de kleedkamer van een Betaald Voetbal Organisatie. Hij geeft op kleurrijke wijze aan wat hij doet met gedragscodes en regels (petjes, koptelefoons, etc) en verhaalt van het belang van de hiërarchie in de groep. Valkuilen zijn er ook. Je mag best ambitieus zijn, maar te hoge ambities kunnen verlammend werken, mensen lopen over. Belangrijk als trainer is dat je “naar de mensen kijkt”, oog hebt voor het individu en voor de subgroepen binnen een groep. Opmerkelijke uitspraak is dat consequent zijn wel belangrijk is, maar dat je ook juist niet consequent moet zijn als het belang van de groep daar om vraagt. Hij lardeert al zijn uitspraken met voorbeelden en krijgt regelmatig de lachers op zijn hand.

De laatste inhoudelijke sprekers zijn Ruud Dominicus en Dolf Nijssen. Een van de “early adaptors” binnen de LO/Sport was Ruud Dominicus, die zich had verdiept in groepsdynamica bij high performance teams. Met anderen wilde hij dit uitproberen onder extreme omstandigheden via een expeditie naar de Pumo Ri, een 7161 meter hoge Himalaya top. Besloten is deze expeditie mede te ondersteunen door de LO/Sport, met als tegenprestatie een presentatie bij het symposium in 2001……..

Ruud en Dolf houden een boeiende presentatie met talloze schitterende foto’s van hun tocht naar de Himalaya en het gebruik van Symlog, wat staat voor System for the Multiple Level Observation of Groups. Middels Symlog bleek het mogelijk om zicht te krijgen op de sociale interactie, effectief leiderschap, groepsdynamica en superieure team prestaties. Het gaat te ver om het hier uitgebreid uit de doeken te doen. Google maar eens. Belangrijk aspect van Symlog is de 360 graden feedback. De expeditie is er zeer zinvol mee geholpen, maar de vraag rijst of de KL met een duidelijke hiërarchie al klaar is voor een dergelijke benadering. Binnen de LO/Sport zijn er later wel succesvolle teambuildings met Symlog gehouden.

Afsluiting van symposium door Lgen Ad van Baal, Bevelhebber der Landstrijdkrachten. De BLS stond pas enkele weken aan het roer en moest al onmiddellijk aan de bak om zijn visie neer te leggen. Hij introduceert zich als de Foppe de Haan van de KL, coach en trainer van 30.000 mannen en vrouwen. Vanuit de taken van de KL geeft hij aan dat er maar één doel is en dat is WINNEN. Hier geldt geen Olympische gedachte. Hij noemt de volgende persoonskenmerken als belangrijk: vakmanschap > kunnen nodigt uit tot willen > professionele organisatie, bereidheid en discipline, teamgeest, trouw en integer. Hij benadrukt dat serieuze sportbeoefening en lichamelijke opvoeding een goed middel zijn om gewenste persoonskenmerken te ontwikkelen en benadrukt de belangrijke rol voor de LO/Sportorganisatie. Hij gaat in op het gewenst leiderschap (zie model) en wat het symposium als volgt samen: “Vorming is de brug tussen kennen, kunnen en uitvoeren. Het verdient voortdurende aandacht van iedereen en met name de leidinggevenden. Sport is een prima aanjager van deze vorming door de overeenkomsten tussen de operationele kenmerken van de KL en die van een professionele sportploeg. Winnen is het devies. Leiderschapstijl dient geënt zijn op personeel dat wil en op termijn ook kan. Leidinggevende zullen meer dan in het verleden de gewenste persoonskenmerken en de gewenste leiderschapstijl ten toon moeten spreiden. Goed voorbeeld doet volgen”. Hij rond af met een felicitatie voor de LO/Sportorganisatie met haar 25-jarig bestaan en met de organisatie van dit symposium. 

Na een lange en vermoeiende dag voor zowel de organisatoren als de aanwezigen, wordt er lang nagetafeld en tevreden terug gekeken op een geslaagde en memorabele dag. Arthur Vaessen rijdt Karel van de Graaf naar huis, die onderuit gezakt op de achterbank met een (geopend) flesje wijn de dag nog eens de revue laat passeren……… Het was een memorabele dag!!

.