Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 

DE APPEL VALT NIET VER VAN DE LO&SPORTBOOM:
DEEL 1: HANS EN LISANNE VAN DER KAADEN

Door Wil Maaswinkel

In de rubriek "De appel valt niet ver van de boom" interviewen we collega's of oud collega's en hun dochter of zoon, die ook in de sport actief is. Twee generaties aan het woord met (gedeeltelijk) dezelfde genen en interesses! We starten de rubriek met Hans van der Kaaden en zijn dochter Lisanne. Overigens ook de moeder van Lisanne, Marijke heeft een baan in de sport en lichamelijke opvoeding.

Hans: Wanneer ontstond bij jou de interesse een opleiding in de sport te gaan volgen en hoe en waar kwam je in de LO& Sportorganisatie terecht?
“Tijdens mijn middelbare schooltijd vond ik de gymnastieklessen heel leuk. Wij hadden een heel enthousiaste docent Lichamelijke Opvoeding en zo’n baan als ‘gymnastiekleraar’ leek me prachtig. Daarnaast voetbalde ik vanaf mijn 10 e en sporten was mijn hobby. Het voetballen ging mij goed af en op jonge leeftijd werd ik al geselecteerd voor het regionaal ‘jeugdplan’ Nederland.
In het examenjaar ging ik steeds concreter nadenken over ‘Wat wil ik nou eigenlijk in de toekomst worden’? De Academie voor Lichamelijke Opvoeding (ALO) leek mij een prachtige opleiding met veel sporten en een mooie baan in het vooruitzicht. Omdat je niet op een paard moest wedden, schreef ik mij ook in bij de ALO Den Haag voor de studie Fysiotherapie. In die tijd werden daar beide opleidingen verzorgd. Ik koos uiteindelijk voor de ALO Den Haag en na deze gevolgd te hebben werd ik opgeroepen om mijn dienstplicht te vervullen.

Ik kon direct na het behalen van mijn diploma op 5 juli 1982 opkomen voor het vervullen van mijn dienstplicht in Bergen op Zoom/ Ossendrecht. Ik werd opgeleid tot dienstplichtig LO&Sportinstructeur bij de KL bij het Opleidings Centrum Lichamelijke Oefening (OCLO).
Destijds kwam je in aanmerking om bekorting van 2 maanden te krijgen op de dienstplicht van 16 maanden (voor Officieren/Onderofficieren) indien je een nieuwe studie begon, waarvan de aanvang enkele maanden eerder lag dan het uitdienen van de bedoelde 16 maanden. Het liep allemaal anders en ik heb uiteindelijk de LO&Sportorganisatie pas verlaten toen ik met FLO ging per 1 juli 2018….

Mijn militaire loopbaan begon op het OCLO en na de dienstplichtige opleiding mocht ik als docent op het OCLO blijven. Een prachtige job waarbij ik heel veel plezier beleefd heb en geweldig veel geleerd heb onder de bezielende begeleiding van mijn mentor/coach Rob Hellendoorn. Een prachtige tijd met geweldige collega’s waar ik nog velen jaren daarna heb samengewerkt: Theo Hunck, Rene Dekkers, Wim Roest, Richard Hesterman, Kay Bosscha, John Goris en vele anderen.

Tijdens mijn OCLO periode als dienstplichtig instructeur LO&Sport bleek dat het moeilijk was een baan te vinden in het onderwijs. Om kansrijker te zijn op de arbeidsmarkt ging ik een studie informatica (AMBI-modulen) volgen en een cursus Sportmassage bij Tim van der Laan in Utrecht.

Op het OCLO ontmoette ik Henk Stuut die daar in opleiding zat om Officier LO&Sport te worden. Dat leek mij een mooie functie en ik besloot toen een poging te wagen om daar ook voor in aanmerking te komen. Toentertijd werd slechts een kandidaat per jaar opgeleid waarbij, met veel animo, de kans klein was dat het zou lukken. Na een paar pogingen lukte het uiteindelijk en kon ik in augustus 1986 beginnen aan de Officiersopleiding aan het Opleidings Centrum Officieren Speciale Diensten (OCOSD) op de Seeligkazerne te Breda.

In september 1987 volgde ik aansluitend de opleiding voor LO&Sportofficier op het OCLO en werd per 1 januari 1988 geplaatst op mijn startfunctie bij het Genie Opleidings centrum (GOC) in Vught. Hier begon het vervolg van een loopbaan van vele prachtige jaren binnen onze LO&Sportorganisatie.”

 

Wanneer kreeg je door dat ook Lisanne misschien wel voor een baan in de sport zou kiezen en hebben jij en Marijke dat meteen aangemoedigd?
“Lisanne vond het werk wat ik deed prachtig. In haar jeugd heeft ze velen jaren bij de lokale Scouting gezeten en wilde ook sportinstructeur in het leger worden.
In de periode 1989 tot 1995 heb ik verschillende functies als Officier LO&Sport vervuld op het OCLO. Onze 3 dochters waren toen nog klein en gingen wel eens mee naar de kazerne in Ossendrecht. Lisanne vond het prachtig om te klimmen en te klauteren op de hindernisbaan en touwbaan. Later in mijn periode als Hoofd van de sectie LO&Sport KMA ging ze graag mee om te zwemmen en te klimmen en klauteren op de klimtoren aldaar.
Als je LO&Sportinstructeur wilde worden, moest je een goede basis hebben (CIOS of ALO). Lisanne besloot om de ALO in Den Haag te volgen. Zij mocht haar stage periodes vervullen op de KMA in plaats van op een reguliere school. Hier werd haar motivatie voor een baan in het leger alleen maar groter.

Losport-TGTF Battle

Lisanne kwam ook in aanraking met collega’s van de sectie TGTF (o.a. Bertil Veenstra en Taco Visser) die allerlei inspanningsonderzoeken deden bij cadetten van de KMA. Ook dit werk leek haar prachtig.
Na de afronding van haar ALO opleiding begon ze aan het selectieproces voor een baan bij Defensie. Al snel bleek dat zij vanwege haar lengte en gewicht een te groot risico bleek voor een baan als militair. Een teleurstelling in eerste instantie omdat de weg naar haar droom hier abrupt werd afgesneden.

Haar belangstelling voor het werk van TGTF zorgde ervoor dat ze al snel een alternatief zag: de studie bewegingswetenschappen en misschien wel een baan bij TGTF in de toekomst? Ze startte haar studie bewegingswetenschappen aan de VU van Amsterdam en kwam zo weer in contact met TGTF. Lisanne deed wat onderzoekjes bij TGTF in het kader van haar studie en het onderwerp voor haar ‘Master Science (afstudeer project): ‘Pose Running’ vond plaats bij TGTF onder begeleiding van Pieter Helmhout.
Via een praktijk stage op de Vrije Universiteit kwam ze in aanraking met Ajax. Waarna ze haar afstudeerstage bij TGTF heeft gedaan. Na het afronden van haar studie belde Ajax op om als bewegingswetenschapper te komen werken.
Inmiddels werkt ze al weer vijf jaar bij Ajax en heeft een volledige baan voor onbepaalde tijd bij Ajax.”

Lisanne: Heeft dat je ouders in de sport werkten grote invloed gehad op jouw keuze voor een opleiding in de sport en waren er nog andere beroepen waar je je toe aangetrokken voelde?

“Dat heeft zeker een grote invloed gehad. Al van jongs af aan werden we in contact gebracht met sporten. Vanaf 4 jaar mochten we op gym (turnen), scouting en zwemmen. Het liefst wilde ik op nog meer sporten maar we mochten op maximaal 3 activiteiten tegelijk. Toen ik 11 jaar was vond ik de sfeer bij het turnen niet meer zo leuk en ben ik gaan korfballen. Naast het sporten was ik vaak aan het buitenspelen. We hadden thuis van alles om buiten te kunnen spelen; ringen, tennisrackets, hockeysticks, turnkast, turnmatjes, allerlei soorten ballen, springtouwen en nog veel meer. Dit heeft zeker bij gedragen aan een passie voor sport en bewegen. Door een brede motorische ontwikkeling merkte ik tijdens het sporten op school dat ik dat ontzettend leuk vond en goed kon meekomen met de rest. Ik vond het vooral leuk om met jongens te sporten omdat de meiden zich liever met alles behalve sporten bezig hielden en niet wilde zweten tijdens de gym. De keuze om een studie in de sport te gaan doen was daardoor snel gemaakt. In eerste instantie had ik voor de studie Sport Management in Den Haag gekozen omdat ik niet dezelfde studie wilde doen als mijn ouders, zal de leeftijd wel geweest zijn. En vooral omdat ik geen gymdocent wilde worden. Binnen een paar weken kwam ik erachter dat dit toch niks voor mij was omdat ik de (H)ALO-ers veel meer zag sporten. Ik kon nog net op tijd overstappen naar de HALO in het 1 e blok om niks te hoeven missen. Dat heb ik gedaan en heb er geen moment spijt van gehad. Ik wist al snel dat ik geen docent LO wilde worden. Ik vind sporten zelf het leukste wat er is, tijdens mijn stages merkte ik dat kinderen het lang niet zo leuk vinden als ik. Daardoor wilde ik een baan waar je met gemotiveerde sporters/mensen werkt, zo kom ik zelf ook het best tot mijn recht en kan ik al mijn enthousiasme kwijt in mijn werk. De baan als sportinstructeur bij Defensie leek mij daardoor het allerleukst, een baan waar je doorzettingsvermogen, passie en sport samen komen. Naast sport heb ik nog meer interesses, zo heb ik, voordat ik mijn studiekeuze moest maken, nog bij de studie diermanagement in Heerenveen gekeken. Ik houd ontzettend van dieren en de natuur, maar om nou een maand lang herten te bestuderen op de hei, daar werd ik niet zo enthousiast van. Ook vind ik creatieve dingen heel erg leuk, dat komt ook voornamelijk door mijn moeder. Thuis hadden we kasten vol knutsel materiaal en vond ik het altijd heel gezellig om samen met mijn zussen en moeder te knutselen als het slecht weer was.”

 

Welke studies heb je gevolgd en hoe ben je bij TGTF (Trainings Geneeskunde en Trainings Fysiologie) geland?
“Ik heb de HALO aan de Haagse Hogeschool gedaan en Bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit. Ik mocht mijn afstudeerstage op de HALO bij de KMA in Breda doen. Daar heb ik vooral veel meegedaan met de sportlessen, heb ik een aantal van de ‘blauwe’ lessen gegeven en een crossloop georganiseerd. Tijdens mijn studie bewegingswetenschappen heb ik na de pre-master in de zomer een vrijwillige stage gelopen bij TGTF onder leiding van Bertil Veenstra. Tijdens mijn master stage mocht ik terugkomen en heb ik onder leiding van Pieter Helmhout mijn master thesis geschreven. Deze ingang bij de KMA en TGTF heb ik natuurlijk aan mijn vader te danken.”

Hans: Jouw loopbaan heeft zich (geheel) in de LO&Sportorganisatie afgespeeld, aan welke functies heb je het meeste plezier beleefd en zijn er gebeurtenissen, die zo leuk of leerzaam zijn dat je iets over wil vertellen?

“Als ik terug kijk naar de functies die ik heb bekleed, kan ik van alle functies wel zeggen dat ik daar uitdaging en plezier aan heb beleefd. De begin periode als LO&Sportinstructeur was misschien wel de meest onbevangen en plezierige periode: veel les geven, lekker fysiek bezig zijn en weinig (vergader) stress. Aan het einde van de dag deed je ‘bij wijze van spreken’ de deur dicht en had je tijd voor andere zaken. Voor je lesvoorbereidingen had je over het algemeen overdag de tijd en hoefde je dat veelal niet in de avonduren te doen. Als ik terugkijk naar mijn tijd als LO&Sportinstructeur op het OCLO is er veel veranderd. De huidige LO&Sportinstructeurs moeten veelzijdiger zijn en hebben een veel hogere werkdruk. Ze zijn veel buiten de eigen LO&Sportgroep bezig (o.a. ondersteuning van Oefeningen met eenheden, MENTEX Bad Reichenhall, etc.)


Na de periode van LO&Sportinstructeur kreeg ik functies waarin ik als leidinggevende steeds meer verantwoordelijkheid kreeg en te maken kreeg met de zorg voor je personeel. Vooral in de laatste negen jaar dat ik bij de staf van de LO&Sportorganisatie heb gewerkt (H-BOTO, Chef Staf en H-OTK) kreeg ik in toenemende mate te maken met vergaderen en administratieve werkzaamheden. Kenmerkend hierbij voor mij was (als ‘binnenslaper’) dat ik overdag de zaken deed waar ik anderen bij nodig had (o.a. overleggen, vergaderen, P-zaken, etc) en ’s avonds de nodige administratieve zaken deed. Dat waren vaak lange dagen. Ik heb in die tijd dikwijls terug gedacht aan de prachtige tijd die ik heb beleefd gedurende mijn twee OCLO periodes.

Prachtig is de enorme uitdaging die het werken binnen de LO&Sportorganisatie mij geboden heeft. Een paar voorbeelden zijn: werken met zeer gemotiveerde mensen, mijn uitzending naar Afghanistan (2006/2007), atleet binnen de militaire vijfkamploeg (slechts 1 jaar), verschillende functies als Chef d’equipe en Chef de mission voor het BIMS. Heel veelzijdig en gevarieerd werk dat ik bij een baan in het onderwijs wellicht niet in die mate had kunnen ervaren.”

Lisanne: Wat jij na je studie hebt gedaan is bij onze lezers minder bekend dan wat je vader deed. Was je baan bij TGTF je eerste baan en waar heb je je bij TGTF vooral mee bezig gehouden?

“Na mijn studie bewegingswetenschappen heb ik 3 maanden naar werk gezocht toen Max Reckers mij opbelde of ik voor Adidas wilde komen werken. Max kende Jos van Dijk (TGTF) waarmee hij bij Manchester United heeft gewerkt en tijdens mijn stage periode bij Ajax werkte hij bij Ajax. Max deed werk voor Adidas onder zijn eigen bedrijf waar hij het MiCoach GPS tracking systeem hielp ontwikkelen. Als field tester ben ik voor Max gaan werken. Dit deden we bij Almere City FC, na ongeveer een jaar belde Ajax mij op of ik als bewegingswetenschapper voor Ajax wilde komen werken. Toen ben ik gestopt met het werk voor Adidas en sindsdien ben ik werkzaam bij Ajax.

Ik heb helaas nooit echt bij TGTF gewerkt, wat me nog steeds ontzettend leuk lijkt.”

 

Hans: Hoe was het voor jou om een dochter te hebben, die veel van ons vak weet en bij een partner van de LO&S werkte?
“Als vader is dat natuurlijk prachtig als zoiets gebeurt. Leuk facet was dat er, in de tijd dat ze haar onderzoek deed bij TGTF, er in Outlook ineens nog een ‘Van der Kaaden’ te vinden was. Ik was heel trots op haar dat, nadat haar droom om sportinstructeur te worden in rook opging, ze zich herpakt heeft en toch iets gevonden heeft dat direct in haar belangstelling stond: ‘Vallen is niet erg, als je maar niet blijft liggen’!”

Lisanne: Na TGTF ben je bij Ajax gaan werken. Kun je globaal vertellen wat je bij Ajax doet en hoe dat georganiseerd is?
“Bij Ajax werk ik als bewegingswetenschapper/sport scientist en ben ik verantwoordelijk voor de jeugdopleiding binnen Ajax.
Ons Science team groeit hard en bestaat uit 5 vaste medewerkers en 4 fulltime stagiaires, 2 voor betaald voetbal en 2 voor de jeugdopleiding. De coördinator is verantwoordelijk voor het 1 e elftal, we hebben een sport scientist die deels verantwoordelijk is voor de metingen van het 1 e elftal en data scouting, een sport scientist voor het belofte elftal, een nieuwe collega die sinds kort de trainingen en wedstrijden van de onder 17 (B1) monitort en mij ondersteunt, een Business Intelligent medewerker die onze data beheert en aan elkaar knoopt, en ik, verantwoordelijk voor de jeugdopleiding onder 8 (F2) tot en met de onder 19 (A1).

Mijn werkzaamheden bestaan uit de dagelijkse monitoring en het periodiseren van het onder 19 team van John Heitinga. We meten alle trainingen en wedstrijden a.d.h.v. een trackingsysteem (LPM, Local Positioning System & GPS). Parameters die we o.a. meten zijn de totaal afgelegde afstand, afstand op hoge snelheid, sprint afstand, acceleraties, hartslagdata, event data (aantal passes, etc.), wellness scores, RPE’s (rating of perceived exertion) etc. Hiermee houd ik met objectieve en subjectieve informatie in de gaten of spelers adapteren aan de geplande belasting en of we eventueel het programma moeten bijsturen. We sturen dagelijks de trainingsrapportages op naar de trainers en zorgen dat ze ‘up to date’ zijn over de ontwikkeling van de spelers. Zo proberen we ze de beste training aan te bieden zodat ze zich zo snel mogelijk kunnen ontwikkelen.

Naast het monitoren doe ik testen en meten van alle Ajax spelers, dit zijn o.a. de sprint, agility en sprong testen die we regelmatig doen bij onze spelers. Ook hebben we een 3D biomechanisch meetlab waar ik verantwoordelijk voor ben met krachtenplaten, een Vicon systeem en high speed camera’s waar we onderzoeken mee kunnen doen.

De groeimetingen in de jeugd doe ik elke 8 weken, zo kunnen we een inschatting maken waar spelers in de groei zitten, wat hun biologische leeftijd is en hoe we ze het best kunnen belasten om ze zo snel en volledig mogelijk op te leiden richting Champions League niveau.

Naast deze taken heb ik ook de taak om de trainers, scouting van de jeugd bij te scholen, dit gaat voornamelijk om leerstijlen, talent ontwikkeling en identificatie, periodiseren, cognitieve trainingen, motorische ontwikkelen, etc. ik ben dit seizoen bijvoorbeeld bezig om een raamwerk op te zetten voor talentontwikkeling en het samenbrengen en de voortgang daarvan inzichtelijk te maken van alle aspecten die daar aan bij dragen.
Ook begeleid ik 2 stagiaires met hun master onderzoek die ze bij Ajax doen.

Aan 40 uur kom ik vrijwel nooit, ik zou willen dat er meer uren in de week zitten. In die zin lijk ik op mijn beide ouders, als ik iets doe zorg ik dat ik het zo goed mogelijk doe, geef ik niet op en zorg ik dat ik het afmaak. Ik ben erg blij dat ik dat geleerd heb want dat heeft me gebracht waar ik nu ben.”

Het bezoek van Ajax jeugd aan de LO&Sport (een kennismaking met mentale vorming) en het project naar keepersgedrag bij een penalty zijn projecten waar jij (denk ik) iets over weet, kan je er iets over vertellen?
“Twee jaar terug heeft de bovenbouw van Ajax (onder 17 en de onder 19) een kennismaking met mentale vorming gehad op de Bernhardkazerne in Amersfoort. Zowel de trainers als de spelers waren zeer onder de indruk van de dag en hebben het er nog steeds over. Ik stond er versteld van hoeveel tijd en energie de collega’s van de LO&Sport organisatie in de dag gestoken hadden. Daar wil ik ze nogmaals heel erg voor bedanken. Ik denk dat op het vlak van mentale weerbaarheid Ajax spelers en staf nog een hoop kunnen leren in het opleiden en begeleiden hiervan. Daarnaast denk ik dat de trainers en spelers van Ajax op veel meer vlakken kunnen leren van de LO&Sport militairen met name op het gebied van communiceren, discipline, zelfregulatie, handelen met kennis, met elkaar i.p.v. tegen elkaar, een team een taak.

 

Het project over keepersgedrag bij een penalty is een van de onderzoeken die we gedaan hebben bij Ajax. De onderzoeken die we bij Ajax doen zijn altijd vraag gestuurd vanuit de praktijk en zullen zo veel mogelijk in de natuurlijke omgeving van de speler onderzocht worden. In deze studie hebben we gekeken naar het kijkgedrag van de keeper m.b.v. een ‘eye tracker’ tijdens/voor het nemen van een penalty. Deze bril ziet het focuspunt van de keeper, dus waar kijkt hij precies naar en welke informatie verzamelt hij vlak voor het moment dat de bal geschoten wordt. We hebben hier gekeken naar: hoe verzamelen keepers de informatie en wanneer (kijkt hij bijvoorbeeld naar de heupen, de bal of de voeten voordat de bal geschoten wordt), de reactie snelheid van de keeper (wanneer reageert de keeper, is het een reactie of een gok?), het voorspellen van de bal baan (bij vrije trappen) en gekeken wat er al bekend was in de literatuur. Hier zijn een aantal leuke feiten naar boven gekomen die de keepertrainers gebruiken tijdens de training. Kijk altijd naar het profiel van je keeper om een strategie te bepalen, heeft hij een snelle reactiesnelheid, is hij explosief, heeft hij een voordeel omdat hij lange ledematen heeft, etc.

Jordi Ruijjgrok, zoon van Egbert, keeper bij Ajax.

Kies bijvoorbeeld nooit domweg een hoek, je kan beter blijven staan als je geen voorinformatie hebt (30% van de ballen worden door het midden geschoten, door langer te wachten kun je makkelijker zien waar de speler heen schiet. De speler wacht liever tot jij een hoek kiest, hoe langer de keeper wacht, hoe moeilijker het voor de speler is). Ga voor ballen binnen je reikwijdte, de bovenhoek is sowieso kansloos. Ben je explosief maak je dan bijvoorbeeld een beetje klein, dan schiet hij dichter bij jou en kan je de bal makkelijker pakken. Ben je minder explosief, maak je dan heel groot, sta rechtop en op je voorvoeten dan schiet de speler eerder naast of over.

Zorg dat je altijd met je voeten op de grond stilstaat op het moment dat de penalty genomen wordt en kijk naar de bal.”

Publicatiedatum: 22 november 2019