Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


MET DE POLLEPEL GESCHREVEN
DEEL 6 : MOMENTSPORTEN

Door columnist Indy van de Poll

Zo af en toe pakken ze je bij de strot en laten ze twee weken lang niet meer los. Genade tonen ze niet. Je bent te pakken en onder geen enkele voorwaarde laten ze je los. Wanneer het tweetal weken echter is verstreken, is het weg uit je gedachten, rigoureus. Het is weg, je interesse trekt het niet meer. Over en uit. Het was leuk zolang het duurde.

Neem nou in eerste instantie het voetbal. Dat is alles behalve zo’n fenomeen. Voetbal is een sport die je interesse het gehele jaar door wekt. Wellicht lig je er in de zomer een maandje of anderhalf uit, de rest van het jaar kan je niet zonder. Met de koers heb ik dat net zo. Het hele jaar door word ik door het wielrennen geboeid. Van de Tour of Qatar tot aan de Ronde van Beijing. Dat was het dan ook wel. Twee sporten die geen momentsporten te noemen zijn. De rest van alles is dat zeker wel.

Wanneer de Nederlandse hockeybabes in actie komen op de World Hockey League, zit ik een week lang aan de buis gekluisterd en is hockey wat mij interesseert. Ik denk enkel aan de leuke interviews van Max Caldas, de snoeiharde strafcorner van Maartje Paumen en de dansende paardenstaarten van Ellen Hoog en Eva de Goede. Wanneer de finale, die hoogstwaarschijnlijk ook gewonnen is door de Nederlandse dames, erop zit, is het ook direct weer klaar. Ik ga moeiteloos weer over naar het voetbal en de koers en het hockey laat mij maandenlang weer koud.

Evenzo bij het beachvolleybal. De WK in eigenland was geweldig! Ik keek iedere partij, deed in mijn kamer het killerblok van Robert Meeuwsen na en staarde smachtend naar de actiefoto’s van Jantine van der Vlist. De finale was gespeeld en ik was weer voetbalverslaafd.

En zo kan ik nog wel even doorgaan! Ook met de Grandslamtoernooien in het tennis, waarbij ik wegsmelt bij de backhand van Gasquet en de billen van Ivanovic, heb ik het. Net als met het schaatsen in de winter, de Zesdaagsen op de piste, de WK Atletiek met Dafne ‘Usain’ Schippers, de zondagen van de Formule 1 met Megatalent Max, en de 24h van LeMans.

Sporten waar je even van kan houden. Waar je eventjes helemaal door bezeten bent. Waar je even niet meer zonder kan.

Het is een apart maar o zo mooi iets! Uit te leggen valt het niet. Eén ding weet ik echter zeker, dit zijn de sporten die het doen. Dit, dit zijn de sporten die het leuk maken, je scherp houden, je van dit ongekende fenomeen dat het zich noemen mag, blijft houden. Het is schitterend en sleept je door de jaren heen.

Tuurlijk is, in mijn geval, het voetbal en het wielrennen schitterend, maar zonder al die andere sporten kan ik niet. Ik kan niet zonder de Olympische Spelen met de BMX, het handboogschieten van Rick van de Ven, Epke aan de rekstok, en de WK zwemmen met een hal met torso’s die je moeiteloos doen intimideren. Ik kan niet zonder skispringen op Nieuwjaarsdag, de sprint met Gregory Baugé, de afdalingskoningin Lindsey Vonn, en de zoveelste zilveren plak van Henk Grol op de mat.

Ondanks het feit dat dit niet de sporten zijn die je het hele jaar door lief hebt en zich in de middenmoot bevinden in het klassement der populariteit, zijn dit dé sporten die ik het meest waardeer. Sporten die leven in de luwte, maar zich toch staande houden in het steenrijke voetbalgeweld dat de meeste aandacht naar zich toetrekt.

Momentsporten. Ik kan niet zonder.

.