Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


MET DE POLLEPEL GESCHREVEN
DEEL 10 : JOHAN CRUIJFF

Door columnist Indy van de Poll

Het moment dat je gegeven wordt. ‘En un momento dado’. Op een gegeven moment is het klaar en zegt het lichaam stop. Johan Cruijff is het op donderdag 24 maart overkomen. Het lichaam van een legende zei stop. Hij is niet meer.

Ik las het op het internet, elf minuten nadat het officieel bekend geworden was. En soms heb je weleens zo’n vreemd gevoel dat beslag legt op je lichaam. Een gevoel van verbijstering, van ongeloof, van een vaag soort onbegrip op het zojuist getoonde gegeven of feit. Het feit was dat een grootheid niet meer onder ons is. El Salvador.

Ik kon het niet echt goed geloven. Er is een fenomeen heengegaan in de sport waarop ik als vierjarig jochie verliefd geworden ben. Ik ben gaan houden van het voetbal, het voetbal waarin Het Orakel van Betondorp een legende was. Vrijwel direct nadat ik het bericht een plekje had gegeven, het vreemde gevoel mij lichtelijk onttrok, pakte ik mijn bal, trok mijn donkerblauwe PUMA’s aan en stapte sinds een lange tijd weer eens naar buiten om een balletje te trappen op het pleintje dat mij immer magie doet geven. Ik denk ook dat ieder jochie dat weer even voelde, ik echt de enige niet was: Die liefde voor de bal. Dat betoverende gevoel van die bal aan je voet. En dat is hetgeen wat eigenlijk al genoeg zegt. Het inzien van de pracht van het voetbal door een grootheid.

Ook de manier waarop alle overige grote voetballers en legendes over hem spreken, toont eigenlijk alles aan. Want aan dit alles kan je zien wat hij allemaal heeft betekent, de directe en indirecte gevolgen op iedere latere speler van het schitterende spelletje. Dit waar ik ook met zekerheid kan zeggen – ik dit zelf ook absoluut ervaren heb – dat ieder jochie die dat wereldberoemde nummer 14 van de trainer in de kleedkamer kreeg aangereikt om er die dag mee te schitteren, ongeacht of hij wissel stond, er geen ene moer van kon of niet, heel even dat speciale gevoel ervaren heeft. Die connectie met Cruijff, de allergrootste ter aarde, de druk, de historie en de klasse van een grootheid van formaat.

       14 minuten lang genieten van de mooiste acties van de beste voetballer aller tijden.

In mijn schooltijd vloog ik als de wie de weer naar huis, de bal die ik immer mee nam naar school al drijvend voor mij uit. Mijn tas gooide ik naar binnen en was tot aan het moment dat mama mij kwam halen voor het avondeten niet meer van het veldje af te slaan.

            Als zo’n fenomeen er niet meer is, dan ga je zoeken naar gelijkenissen, naar overeenkomsten tussen jouzelf en de geweldenaar in kwestie, Johan Cruijff. Ook hij moet dat gevoeld hebben, ook hij had die onophoudelijke drang naar die bal. Doordat Johan dat altijd heeft gehad, hebben wij en ik dat ook gekregen.

Waar mijn vrienden en klasgenoten bezig waren met meisjes, zoenen en gamen, voetbalde ik onverstoorbaar door. Tot aan mijn veertiende bleef ik verkondigen dat ik zou trouwen met mijn bal. Ik hield zó verschrikkelijk veel van mijn bal, mijn beste maat, dat meisjes mij op relatief zeer late leeftijd pas bezig gingen houden. Vlinders in de buik voor een bal, in plaats van Anne of Naomi. En dit alles komt door Cruijff. Hij die de sport heeft gemaakt tot wat het nu is. Met zijn sierlijke bewegingen en balbehandeling, zijn vaak benoemde vermogen om het spel te lezen, al verder vooruit te kijken dan wie dan ook, en daarnaast zijn spelopvatting, heeft hij voor dit alles doen zorgen. Net zoals bij clubs als Bayern München en Barcelona die de laatste jaren de Europese scepter zwaaien, dit ontstaan is uit de voetbalvisie van de legendarische nummer 14.

Waar ik vroeger zo vaak Andrea Pirlo en Fernando Torres nadeed, met gedrukte shirtjes van La Squadra Azzurra en Liverpool, waande ik mij nu, in de middag van die 24ste maart, eventjes Cruijff. Ik waande mij een legende op het pleintje vlak bij huis, met een zelfsprekende commentator in mijn hoofd bij de acties die ik maakte, de boogbal van Johan bij zijn rentree in ’81 in de Meer oneindig vaak heb proberen doen perfectioneren, met een onzichtbare doch kansloze Metgod in het doel van de Haarlemmers en het eeuwige gevoel voor altijd in gedachten: Het gevoel van magie, de magie van het pleintje.

Naast Cruijff de trainer en voetballer, was er natuurlijk ook Cruijff de man met de foundation, wat de grootheid die hij al was, nog net wat groter deed maken.
Daarnaast was er ook uiteraard nog Cruijff de filosoof, met zijn schitterende uitspraken waarmee hij een ieder stof tot nadenken verschafte. Zoals: ‘Als je niet ken winnen, moet je zorgen dat je niet verliest’ en de prachtige oneliner: ‘Voetballen is heel simpel, maar het moeilijkste wat er is, is simpel voetballen.’
Ik heb altijd geleerd er nog eentje mee te geven om het af te leren, en omdat ik er eveneens werkelijk geen genoeg van krijgen kan: ‘Als Italianen één kans krijgen, maken ze er twee.’


Ik heb het in het begin van de column gezegd: Johan is niet meer. Maar ik denk eigenlijk dat Henk Spaan het in zijn gedicht bij De Wereld Draait Door, waar Matthijs en zijn redactie Johan passend eerden, het van allen het meest treffend omschreef: ‘Johan is niet dood.’
En dat klopt. Johan Cruijff zal voor eeuwig en altijd voortleven in de wereld, met wat hij achtergelaten en betekent heeft voor zowel het voetbal, de gehele sportwereld, als de maatschappij.
In gedachten tot in de vergetelheid. R.I.P.

Johan Cruijff
25 april 1947, Amsterdam – 24 maart 2016, Barcelona

Een vader voor Jordi,

een idool voor velen,

een grootheid voor het voetbal,

en een legende voor altijd.