Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


INTERVIEW MET DENNIS KLUNGEL

Door Rene van Oost

Roeien. Een sport die niet veel beoefend wordt. Wel door Dennis Klungel. Een Kpl1 op de Johannes Postkazerne die deze sport heeft ontdekt en er talent in blijkt te hebben. Ik heb Dennis benaderd omdat ik hem advies geef bij zijn trainingen en ik denk dat Dennis ver kan komen in de roeiwereld. In dit artikel vind je meer informatie waarom hij voor deze sport heeft gekozen, zijn doelen voor korte en lange termijn, maar ook hoe en wat hij traint.

Dennis, leuk dat je aan dit artikel wilt meewerken. Zou je in eerste instantie eerst wat meer over jezelf kunnen vertellen?

Ik ben Dennis Klungel, 26 jaar, woonachtig in Stadskanaal met mijn vrouw Irene en dochter Fleur en ben werkzaam bij 44 Painfbat als S1 toegevoegd op de Johannes Postkazerne te Havelte.   

Wanneer ben je begonnen met roeien?
Ik ben begonnen met roeien in 2012. Ik volgde thuis de Olympische Spelen in Londen, en dus ook het roeien. Helaas werd het voor de Nederlandse equipe alleen een bronzen medaille voor de Dames-acht, maar mijn interesse was gewekt. Bij het zien van zulke krachtmetingen in de wereldtop dacht ik: “dat wil ik ook!”

Na de OS ben ik gaan zoeken naar een vereniging waar ik kon roeien, en vond deze in de zin van Aegir in Groningen. Dit is een studenten roeivereniging met een goede professionele begeleiding en heb daar veel geleerd. Helaas ben ik hier niet lang gebleven omdat ik het niet kon combineren met mijn werk. De roeiers van deze vereniging konden wel in de middag trainen, ik slechts in de ochtend of in de avond. Ik ben toen ongeveer een jaar eruit geweest maar omdat het zo bleef jeuken, heb ik gezocht naar een andere vereniging. Dit werd ARC te Assen. Hier ben ik in de skiff gestapt (één persoons boot) en er eigenlijk niet meer uitgekomen.

Deze skiff beviel goed?
Ja, zeer zeker. In het begin dacht ik dat roeien wel makkelijk zou zijn. Maar niets is minder waar. Na een paar lessen kwam ik daar al snel op terug. Hoewel het bleek dat ik talent had in deze sport, ging het allemaal niet van harte. Roeien is een sport waarin techniek misschien nog wel belangrijker is dan uithoudingsvermogen of kracht. Een voorbeeld hiervan is de ergometer. Dit is het roeiapparaat wat de roeihaal simuleert. Je hoeft hier geen goede techniek voor te hebben om goede resultaten te krijgen. Het 500mtr record voor de ergometer staat op naam van een Amerikaan die 1,70mtr is en 123kg weegt. Hij bezit het record met een tijd van 1:08min. Een vreselijk snelle tijd. Ze hebben deze man uitgenodigd om in een roeiboot te stappen. Dit werd niks omdat zijn spieren in de weg zaten. Voor roeien moet je dus de perfecte balans zoeken tussen techniek, kracht en uhv.

Hou je daarom zo van roeien?
Ja, mensen die roeien als topsport beoefenen zijn eigenlijk knettergek. Roeien is één van de zwaarste sporten die er is. En toch zal een top roeier zeggen dat een 2000mtr wedstrijd 20% fysiek en 80% mentaal is. Marathonlopers zeggen vaak dat ze na 25km tegen een muur lopen. Bij roeiers is deze muur al na de eerste minuut van de race en dan moeten ze nog 5 minuten doorgaan. Een Engelse roeier zei eens: “a 2k race; it’s an abyss of pain’. En toch ondergaan ze deze pijn. Het hoort bij de sport, en ik vind het heerlijk om tot die pijngrens te gaan. En verder…
 

Wat zijn je doelen bij het roeien?
Mijn doel is om zo hoog mogelijk te komen in deze sport. En dan bedoel ik de Olympische Spelen. Daar waar het begon met alleen kijken naar de buis. Dat wil ik zelf meemaken. Ik durf nog niet te zeggen dat ik er in Tokio al bij ben. Dit ligt aan zoveel facetten.

Ik wil op dit moment graag hogerop trainen. Zowel op het werk als in de boot. Op het werk word ik hierin al geholpen door mijn baas. Hij sponsort mij kleding en geeft mij extra tijd om te kunnen trainen. Ik train nog veel alleen en wil graag met meerdere roeiers trainen om zo het uiterste van mezelf eruit te halen. Ik ga in februari voor het eerst testen om met zijn tweeën in een boot te roeien. En eind april heb ik mijn eerste wedstrijd voor de 2000mtr in de skiff.

Dit jaar wil ik een wedstrijd winnen op de 2000mtr. Ook wil ik dit jaar mijn tijd op de ergometer verbeteren. Ik zit nu op een tijd van 6:17,3 op de 2000mtr en aan het einde van dit jaar moet dit onder de 6:10,0 komen. Met behulp van regelmatig testen en hard trainen hoop ik de vooruitgang te verwezenlijken. 

Hoe ziet een trainingsweek van jou er dan uit?
Deze is sinds mijn nieuwe functie erg veranderd. Ik zat eerst bij het Verkpel van 44 D-cie. Ik had hier weinig tijd om mijn trainingen uit te voeren. Ik ben toen naar de LO/S gegaan en mijn instructeur gevraagd of hij mij kon helpen voor een sportschema op de kazerne. De Sgt1 (Andries) Booi heeft toen een mooi schema in elkaar gezet waarin ik zelf kon trainen. Hier stonden mijn gegevens in zoals BMI, maar ook de doctrines van kracht en uithoudingsvermogen. Ik moest na elke training een cijfer geven hoe zwaar deze was en bij een terugkoppeling tussen ons keken we hoe we verder gingen met de trainingen. Toen ik naar de Batstaf verhuisde, kreeg de Sgt1 Booi een andere functie dus ik moest zoeken naar een andere oplossing. Deze werd snel gevonden. Sgt1 (Rene) van Oost zag dit wel zitten. Ook al kende hij de roeisport nog niet goed, hij zag hier wel een uitdaging in. Deze uitdaging zat hem in het maken van individuele programma’s en het specifiek trainen naar een gewenst doel, waarbij meerdere aspecten om de deur komen kijken. Denk hierbij bijv. aan specifieke krachttraining. Welke bewegingen maakt een roeier en welke spieren gebruikt hij het meest?

Sinds deze tijd train ik 2x op een dag, 6 dagen in de week. Ik krijg van de baas 4 uur op een dag om te trainen en gebruik deze door 2 uur op het water te trainen en 2 uur op land.

De watertrainingen krijg ik opgestuurd van de roeiclub. Dit zijn duurtrainingen of intervaltrainingen. De landtrainingen stem ik af met Rene. We zijn een cyclus gestart waarbij we de krachtdoctrine doorlopen. Uiteindelijk willen we naar Duurkracht en Taakspecifieke krachttraining toe. Rene heeft gekeken naar de bewegingen als roeier en heeft daarbij ook een aantal oefeningen bedacht om zo specifiek te trainen voor deze spiergroepen. Ik trainde bijvoorbeeld mijn buikspieren alleen concentrisch. Rene liet me zien en merken dat je je buikspieren ook excentrisch kon trainen. Dit is weer taakspecifieker voor het roeien.
Het meest taakspecifieke gebeurt natuurlijk op het water. Specifieker kan ik niet trainen, maar het is fijn dat ik merk dat ik sterker word door deze trainingen.

Als ik met mijn eenheid op oefening moet is het lastiger om te trainen. Gelukkig kan ik van de LO/S vaak een ergometer meenemen, maar ook een spinningfiets en gewichten als dat nodig is. Hierdoor kan ik, als ik tijd heb, op oefening toch mijn trainingen blijven uitvoeren.
En als SOB/SOMS weer voor de deur staat neem ik zelfs mijn skiff mee om in Bergen op het water te trainen. Zo hoop ik vooruitgang te blijven boeken en uiteindelijk mijn doelen te verwezenlijken.
  

Zijn er naast je trainers ook nog andere mensen die je helpen bij je doelen?
Jazeker. Allereerst natuurlijk mijn vrouw Irene en dochter Fleur. Omdat ik veel train en veel van huis weg ben, is het soms best lastig voor ons. Maar ik word voor de volle 100% gesteund en vind het ook heerlijk om thuis met mijn gezin te zijn en het roeien even op de tweede plaats te zetten als dat moet.

Verder heb ik hulp van voedingsdeskundige Daniëlle Gommers-Vriezema. Zij is zelf topsporter geweest bij Defensie (judo) en helpt mij met het samenstellen van mijn voeding. Als er immers meer getraind wordt, moet er ook meer gegeten worden. Ook krijg ik van haar te horen wat ik het beste kan eten als ik een intensieve training heb of wat ik het beste kan eten om sneller te herstellen. Tevens houd ik een logboek bij van mijn trainingen om overtraining te voorkomen en meet ik elke ochtend mijn hartslag. Hieruit kan ik dan opmaken of ik het die training rustiger aan moet doen. 

Dennis, ik denk dat de lezers een goede indruk hebben van jou, je doelstellingen en het roeien. Ik zou je graag over een tijdje nog een keer willen spreken om te kijken hoe je er op dat moment voor staat en of er al doelen zijn gehaald. Ik wens je heel veel sterkte met je trainingen en je wedstrijden aankomende tijd en bedankt voor je tijd.