Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


WAAR ZIJN ZE GEBLEVEN, ONZE OUDE COLLEGA'S?
AFLEVERING MET MARCEL VAN DER BORDEN

Door: Paul Lindeboom

Sportinstructeur: Eén van de mooiste beroepen die er is!

Dat ik later iets met sport zou gaan doen, dat stond voor mij allang vast, alleen wist ik nog niet precies op wat voor manier. Als dienstplichtige kwam ik via de SROKI als Sergeant Infanterie algemeen in Assen terecht. Geplaatst bij de Schoolset voor uitzending naar Libanon wist ik het zeker: als Sportinstructeur bij de Koninklijke Landmacht werken moest toch wel één van de mooiste beroepen van de wereld zijn.

Dit werd mijn doel. Datzelfde jaar werd ik aangenomen op het CIOS in Overveen en een paar jaar later was ik weer terug het leger maar dan als beroeps. Na een jaar KMS en de opleiding op het OCLO kon ik meteen door naar Seedorf. Een vrijwillige keuze waar ik nooit spijt van heb gehad.

Onder leiding van een aantal Prominente personen als Cees Meijl, Henk Stuut en Theo Vonk heb ik daar een prachtige tijd gehad. Toentertijd was je al als Bataljons Sportinstructeur verbonden aan een eenheid en verzorgde je ook regelmatig in “het groen” de sport tijdens oefeningen of schietseries, wat ook zeer op prijs werd gesteld. De saamhorigheid met de collega’s onderling maakte dat dit niet zo maar een werkplek was. Tijdens de weekenden of feestdagen deed je vaak dingen samen. Je gaf les aan de kinderen of echtgenotes van de Beroeps Militairen waardoor je ook meer mensen leerde kennen en je je echt als een soort familie voelde. Ook bij de jaarlijkse wedstrijden als ZMV, parcours militair of Triathlon stonden er vooral ook veel familieleden langs de kant om aan te moedigen. Ik zal nooit de EK finale Voetbal vergeten en het lange oranje lint van de kazerne tot in het plaatsje Zeven om de overwinning er goed in te wrijven bij Unsere Deutsche Freunde.

Na mijn plaatsing in Seedorf kwam ik weer op het OCLO terecht maar dan als instructeur.

Ik denk dat dit toch wel één van mijn leukste plaatsingen is geweest. Zowel het geven van de Militaire Vorming als het opleiden van toekomende sportcollega’s was toch wel heel erg bijzonder. Samen met Frank Paymans (de Paay) Jan Welling, Marcel Bosboom, Humphry Broos en nog een hele club gezellige en zeer kundige collega’s heb ik daar een mooie tijd gehad. Het woord “Intro Bivak” maakt nog steeds verhalen los bij jonge en oudere collega’s.


Ik weet nog wel dat een groep leerlingen een lijst moest maken hoelang iedereen op zondagavond mocht “bellen”. Klokslag 19.00 uur stond de groep klaar om te bellen maar wat was de verbazing groot toen bleek dat er niet naar huis gebeld mocht worden maar dat er met de Bivak bel gebeld moest worden. Iedereen net zolang als op de lijst stond aangegeven. Daar was de aalmoezenier niet zo blij mee. Na 30 minuten waren we het trouwens zelf ook wel zat.

Het skiën en het klimmen waren vol in opkomst en doordat ik op het juiste moment op de juiste plaats zat, kon ik daardoor aan een aantal cursussen meedoen. Al snel mocht ik met Hans van Leeuwen, Henny Huijbregts, Toon en Bart de opleiding Ausbilder Militair Skilauf doen wat weer een geweldige ervaring was. Als afsluiting zelfs nog met de helikopter opgepikt en gedropt in de bergen rond de Zugspitze. Hoe gaaf is dat. Natuurlijk moest luchtmobiel ook leren skiën dus stonden we in de periode daarna ook regelmatig in de sneeuw.

Al snel volgden de cursussen Werken Op Hoogte en Cordelet Vert. Wat een voorrecht om op kosten van de baas daarna naar Frankrijk, Duitsland of België te mogen om onze troepen te trainen met GVA oefeningen. Geweldig om met mensen als Pierre Schoonen, Berry Manders, Gerrit Pasman, Emiel Klaassen, Peter Crooymans en noem al die klimgeiten maar op, op een rots te staan, in een canyon af te dalen of op een rivier te raften.
De wijze waarop allerlei cursussen gegeven werden en nog steeds worden gegeven, is tekenend voor het personeel van de Sportorganisatie. Wij staan boven onze stof en doen er alles aan om de cursist op een zo hoog mogelijk peil te brengen. Veiligheid en klantgerichtheid staan bij ons hoog in het vaandel. We kunnen trots zijn op ons product.

Na een stukgelopen huwelijk heb ik de stap genomen om elders binnen de sport te gaan werken. Na het werken met “gezonde mensen” kwam ik als Bewegingsagoog in een Revalidatie Centrum te werken. Er moest een nieuwe afdeling bewegingsagogie worden opgezet en aan mij de uitdaging om dat voor elkaar te krijgen.

Na een rondgang langs een aantal centra in Nederland had ik al snel een beeld van de wijze waarop de afdeling vorm zou moeten krijgen. Dat bewegen gezond is wisten we al lang, maar de gedachte dat het nog beter is voor mensen met een beperking om te bewegen was nog niet in ieder Revalidatie Centrum doorgedrongen.

Binnen korte tijd maakte bewegingsagogie een vast onderdeel uit van het programma van de patiënten van ons centrum. Bewegen is bij ons meestal geen doel op zich, maar juist een middel om te trainen. Je kunt in en om de sporthal of in het water zoveel dingen aanbieden wat de training niet alleen leuker maar ook uitdagender maakt, dat de mensen er naar uitkijken om te komen trainen. Neem bijvoorbeeld Rolstoelbasketbal. De één traint zijn bovenlichaam om sterker te worden, de ander de techniek van het rolstoel rijden, weer een ander agressiebeheersing (want je mag botsen) en weer een ander cardiale belasting. Allemaal verschillende hulpvragen waarbij we hetzelfde middel gebruiken. Bij de duiker op de foto met een dubbele amputatie was de hulpvraag duidelijk: ‘Ik wil weer duiken.’ Et voila. Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan!


Het werken in de revalidatie is dankbaar werk maar soms ook pittig. Sommige mensen kun je niet naar een hoger niveau trainen. Hen zie je juist afglijden en na een tijd soms overlijden. Dat is de keerzijde. Mijn werkverleden binnen de Grensverleggende activiteiten helpt me nog regelmatig om in te schatten hoe ik iemand moet benaderen om toch het meeste eruit te kunnen halen. De manier van coping is voor iedereen verschillend, blijkt ook hier.

Wat wel bijzonder is aan dit werk, is het feit dat je de echte sportieveling weer aan het sporten kunt krijgen en soms zelfs op paralympisch niveau. Via een paralympische test kunnen we tegenwoordig zelfs redelijk goed aangeven welke sport er voor iemand zeer geschikt zou zijn. Samen met NOC/NSF is deze test ontwikkeld die al onze paralympische sporters ook hebben gedaan. Al hun uitslagen zitten in een database en als ik iemand bij mij test, dan vergelijkt het programma dit met hun resultaten en geeft dan precies aan hoe goed je al bent in vergelijking met één van onze toppers op dat onderdeel.

Ik heb op deze manier zelf al een handjevol topsporters mogen doorverwijzen. Ook dit jaar doet er iemand van mij bij het tafeltennis en het skiën mee. Gaaf toch? Alleen jammer dat je zelf niet meekunt maar dat je ze over moet dragen aan de verschillende bondscoaches. Revalideren topsport? Echt wel!

Respect hoor, voor al die mensen die al topsport bedrijven om de dag door te komen en zich dan ook nog eens in de avonduren in het zweet werken om nog beter te worden.  

Omdat ik overdag al genoeg beweeg, heb ik jarenlang (naast af en toe wat golfen) niets meer aan sport gedaan, maar afgelopen jaar heb ik toch weer het tennis opgepakt en ben ondertussen aan mijn eerste competitiewedstrijden begonnen. Toch wel een heel leuk spelletje moet ik zeggen.

Mis ik het werken in de sportorganisatie? Jazeker. Het blijft voor mij nog steeds één van de mooiste beroepen.